?

Log in

No account? Create an account
Mijn relaas

Martijn Piggen
Date: 2012-07-15 18:30
Subject: Communicatie. Of het gebrek daaraan.
Security: Public
Location:Udenhout
Dit stukje heb ik geschreven voor de jaarlijkse schrijfwedstrijd van mijn studievereniging en het leverde me de tweede plaats en een dinerbon op. Het gaat niet over wandelen.

Communicatie. Of het gebrek daaraan.
Sociopathie in de dop

Het komt nog weleens voor dat ik in de trein naast of tegenover iemand, of meerdere iemanden, moet gaan zitten. Dat krijg je als meer mensen besluiten om nét diezelfde trein te nemen. Dus je gaat zetten en dan vind ik het altijd netjes om die mensen even te groeten. Kunnen zij er immers wat aan doen. Maar vooral omdat je je toch opeens in elkaars persoonlijke ruimte bevindt. Even dat oogcontact zoeken, glimlachen en goedendag zeggen. Laten weten dat ik in vrede kom. Een beetje zoals nieuwe buren dat doen en ook hele tijdelijke, zoals in dit geval, zouden moeten doen.

Echter, niet zelden wordt er niet eens, of heel eventjes, opgekeken als ik plaatsneem. Dus ook geen oogcontact en daarmee valt de hele groetsequentie al in het water. Alsof ik er helemaal niet ben en dat terwijl ik mezelf helemaal niet onaantrekkelijk of onverzorgd vind. Men blijft dan naar het scherm van de mobiele telefoon (of iets soortgelijks) staren, terwijl de oren door dopjes of hoofdtelefoon ook niet vrij zijn. Dat is kennelijk interessanter en dat moet iedereen helemaal voor zichzelf weten, maar lichtelijk asociaal vind ik het wel. Ik zit verder ook niet voor de gezelligheid in de trein en heb nooit de intentie om mensen de oren van de kop te kletsen. Maar mocht het zo zijn en er reist net een communicatiewetenschapper mee die zin heeft in een fijne conversatieanalyse, dan is die snel klaar. We komen niet eens tot de geslaagdheidsvoorwaarden, laat staan maximes.

Het is verder geen probleem dat vrijwel iedereen tegenwoordig met een stuk technologie in zijn of haar handen zit, want het is immers mooi speelgoed en goed voor een reis lang vermaak. Ik zit ook vaak genoeg met mijn telefoon te spelen en ik heb een Nokia uit 2009. Social media stress, de aandoening van deze tijd, is mij verder ook niet vreemd want als er iets piept of trilt heb ik het ding sneller dan m’n schaduw van tafel geplukt of uit m’n zak gehaald. Laten we dat maar gewoon vooruitgang noemen.

Het gaat mij vooral om die draadjes die in veel gevallen van het apparaat naar de oren van de gebruiker lopen. De draadjes die het signaal afgeven van ‘laat mij met rust, ik ben niet beschikbaar’. Heel geniepig eigenlijk, zeker die kleine oordopjes. In dat opzicht zijn die afzichtelijke grote hoofdtelefoons veel duidelijker.
Hartstikke fijn dat dat kan natuurlijk, lekker je eigen muziek of radio luisteren en geen last hoeven te hebben van een praatgrage buurman of -vrouw of andere ongewenstheden. Het is ook wel lekker na een zware dag, alleen lijkt het vaak wel of iedereen een slechte dag heeft. Ook om 9 uur ’s ochtends.

Ik heb het zelf ook lang gedaan hoor, maar op een gegeven moment voelde het raar en begon het me tegen te staan. Ik voelde me een beetje een sociopaat, zo onaanspreekbaar. Een stiltecoupé op mezelf. Dat je op moet schrikken omdat de conducteur opeens naast je staat of iemand iets aan je wil vragen. Niet dat de meeste medereizigers nu zo’n toevoeging op mijn bestaan zijn. In dat opzicht blijft Radio 1 in de meeste gevallen absoluut meer interessant.
Niet dat ik overigens vind dat we allemaal in polonaise door de trein moeten gaan. Treinreizen doe je immers om van A naar B te komen. Maar toch, het voelt goed zo en misschien hoor je nog eens wat leuks.

Natuurlijk is dit allemaal niet gebonden aan het openbaar vervoer, in het straatbeeld zie je het ook genoeg. Ik heb voor mezelf een set van vuistregels bedacht. Als ik een beetje rondloop of -fiets vind ik het allemaal wel best, maar als ik me onder mensen ga begeven gaan die doppen uit. Dus ik loop naar de supermarkt lekker naar de radio te luisteren, maar voordat ik de dakloze voor de deur voorbij ben gelopen en gegroet – maar geen krantje gekocht – kan ik weer horen. Ik zie het uitdoen van oordoppen eigenlijk als het afnemen van de hoed of pet van de 21ste eeuw als zijnde een uiting van beschaving.

Robin Abrahams, als psychologisch onderzoekster verbonden aan de Harvard Business School, stelt dat het gebruik van personal audio de communicatieve vaardigheden van de gebruiker vermindert omdat deze zich op deze manier afsluit van de buitenwereld. Dit leidt tot meer geïsoleerde en daardoor verlegen mensen. (The Daily Telegraph, 2007)
Hoewel niet verder uitgebreid wetenschappelijk onderbouwd of getoetst vind ik het op z'n minst een plausibele aanname.

In de woorden van Dell Hymes kun je het bovenstaande vermindering van communicatieve competentie (Houtkoop & Koole, 2000) noemen, of in mijn eigen woorden: een stapje richting sociopathie. Behalve dat het kan leiden tot meer verlegen mensen zie ik niet in waarom het niet naar de andere kant kan uitslaan, in de vorm van meer agressie door verminderde tolerantie. Immers, door middel van personal audio kan iemand altijd zo prettig mogelijke omstandigheden voor zichzelf creëren, of zijnde voor het eigen plezier of als afsluiting van minder prettige situaties (die kunnen in het openbaar vervoer natuurlijk goed voorkomen). Met het hebben van deze mogelijkheid worden mensen eigenlijk verwend. Als je dan misschien een keer je zin niet krijgt, door bijvoorbeeld een lege batterij, en je raakt geïrriteerd, wie weet waar het allemaal toe kan leiden. Individualisering en verhuftering gaan toch veelal hand in hand.

Misschien is bovenstaande iets wat nog verder onderzocht moet worden, want ik kon hier geen relevante literatuur over vinden. En misschien zit ik er ook totaal naast. Personal audio is op zich nog een vrij recent fenomeen. De eerste Sony Walkman kwam in 1979 uit, maar ik denk dat het met de tweede generatie iPod uit 2002 (de eerste Windows-compatible iPod), mobiele telefoons met muziekfunctionaliteit en digitale distributie pas echt een vlucht heeft genomen. Hoe dan ook, afgezien van eventuele psychische neveneffecten – gehoorschade is natuurlijk sowieso een factor – kan het volgens mij sowieso geen kwaad om hier meer over na te denken. Het kan alleen maar gezelliger worden.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-07-11 21:07
Subject: Trainen enzo.
Security: Public
Location:Udenhout
Music:Bruce Springsteen - Long Walk Home
Tags:vierdaagse wandelen trainen
Trainen enzo.
Je ziet nog eens wat

Nog minder dan een week tot de Vierdaagse. Over een week is zelfs de tweede dag allang ten einde en zit ik me - hopelijk, en hopelijk een beetje rustig - voor te bereiden op de schijnbaar zware derde dag. De afgelopen weken heb ik als algehele voorbereiding natuurlijk ook wat stukjes gewandeld. Van een uit de hand gelopen tochtje van 59km door de provincie tot een enkeltje Amsterdam, en van naar de Efteling wandelen tot twee dagen achter elkaar in en rond Utrecht. Onderweg zie je ook weleens wat dingetjes die je opvallen. Wat observaties en ervaringen:

In Westbroek zit een café waar je altijd 'iets lekkers' bij de koffie krijgt. Of deze koppelverkoop een Werthers Original, een appelpunt of de barvrouw inhoudt stond niet op het bord.

Maartensdijk is een grappig dorpje. Er zit een Chinees restaurant genaamd 'Happy Gate' (weer eens wat anders dan 'De Chinese muur', dat wel), een 'handboekbinderij' - waarbij ik me afvraag of ze dan alle boeken met de hand binden of alleen handboeken en dan niet per se met de hand - en een schattig klein Ford-dealertje.

In Bilthoven zit dan weer een grote Ford-dealer. Het kan verkeren.

De Amsterdamsestraatweg gaat inderdaad naar Amsterdam en verandert naarmate de route vordert in respectievelijk de Straatweg, Rijksstraatweg en Abcouderstraatweg.

In Bilthoven was ook het circus aan het opbouwen. Ik zag er tijgers en zebra's. Niet bij elkaar in een kooi gelukkig.

De 'G' op de gevel van Scouting Zuilen is kleiner dan de rest van de naam. Misschien was het eerst Scoutin' Zuilen en konden ze, toen ze er achter kwamen dat urban voor mongolen is, alleen een kleine 'g' krijgen.

In Den Dolder - 'Sauzenhart van Nederland' - moest ik m'n eten en drinken op een plantenbak bij de tandarts nuttigen omdat er zó'n typisch stel sjappies op het bankje bij de Albert Heijn zat dat ik even dacht dat er televisie-opnamen werden gemaakt.

M'n schoenen zijn lekker ingelopen. Afgezien dat ik m'n voeten wel voel na een stuk wandelen zijn er geen problemen en verwacht ik die ook niet. Prima kilometers snoepen zo.

In Oud-Zuilen zag ik een meisje in een soort witte jurk op straat haar haren wassen met een flesje water. Dat vond ik raar. Even later kwam ze voorbijfietsen met naast haar een oude kerel in een soort militair uniform. Op haar stond met viltstift geschreven 'Jezus redt'. Dat vond ik nog raarder.

Bij Breukelen zit de Nijenrode Business University. Als dingen anders waren gelopen zat ik daar nu hertentamens te maken, om vervolgens een lekker stukje te gaan roeien met de jongens en dan een pilsje te pakken in Het Galjoen. Er is een bushalte bij de universiteit, maar dat is vast alleen voor sukkels.

Elinkwijk is een treurig stukje Utrecht. Ik haalde bij de Boni in dat winkelcentrumpje wat te eten en drinken en de troosteloosheid was schrijnend. Het leek er ook wel gesloten, zo weinig licht brandde er. De kaasbroodjes die ik voor de verandering nam waren wel lekker.

Ik ben ook een keer door de Loonse en Drunense Duinen naar de Efteling gelopen, want dat is toch vlakbij. Vroeger hadden we hier altijd een abonnement en zat ik zeker elke twee weken wel een woensdagmiddag of weekenddag daar. Ik vind dat altijd wel grappig, aangezien het voor velen een traktatie was als ze daar eens per jaar naartoe mochten. Ik ben ook best vaak naar Disneyland Parijs geweest. Zo vaak dat ik de laatste keer, mentorbedankje van de studievereniging, maar oversloeg.

Wielrennende vrouwen vind ik meestal sexier dan hardlopende vrouwen.

Als ik lange stukken rechtuit loop zwabber ik een beetje van links naar rechts. Dat heeft te maken met de verkanting van de weg, en zo belast ik alle spieren gelijk. Die tip heb ik van internet.

Er zijn in de regio veel Bakkerij Boonzaaijers. Een soort van regionale multinational.

In Amsterdam Zuid-oost stikt het van de kantoorgebouwen. Niks mis mee natuurlijk - integendeel - maar je vraagt je af waarom bedrijven als British Telecom, Ajax en Deutsche Bank zo groot aanwezig zijn. Het zal wel ergens goed voor zijn. McDonald's Nederland zit er ook. Benieuwd wat ze daar dan eten.

Ik vind de getallen best indrukwekkend. Verdeeld over zes trainingen heb ik volgens Sports Tracker 222,56km gelopen en daar zo'n 31,5 uur over gedaan. Daarbij heb ik 201.237 stappen gezet en 17491 (kilo)calorieën verbrand. Dat laatste is dus tien kapsalons en ik vraag me af waar die calorieën allemaal heen gaan, want ik vul dat onderweg bij lange na niet aan. Ook naderhand heb ik niet eens zo'n honger. Ik drink dan wel een (spier)ontspannend pilsje. En dan later op de avond misschien nog eentje.

Wandelen kan best eenzaam zijn. Kilometers lang kun je niemand tegenkomen en als je dan door de bossen langs de vliegbasis Soesterberg loopt en de omheining je er om de paar meter aan herinnert dat je vooral niet te dicht in de buurt moet komen voelt dat zelfs een beetje umheimlich.

Ik las in De Prooi dat Rijkman Groenink een schitterende woning zou hebben in Loenen aan de Vecht, maar die heb ik niet gezien. Verder staat en ligt er genoeg moois aan de Vecht, waardoor het daar mooi lopen is. Patsen op z'n Loenens: als ik langsloop laten een paar jochies de motor van hun (of papa's) bootje flink draaien. Zoals paupers met scooters, paupers met rijbewijs met Civics en Golfjes, en succesvolle paupers met Audi's doen.

Toch over auto's gesproken: ik vind het vaak opvallend hoeveel verschil er kan zijn in wat er op de oprit staat. Er zijn kasten van huizen waar modale wagens voor de deur staan, en vrij normale woningen in Breukelen met een Porsche en dikke Audi ervoor. Of juist een dikke bak voor meneer en een Golfje voor mevrouw - daar ga ik maar vanuit, vergeef me mijn klassieke denken. Of van die mooie kantoren van advocaten en notarissen, waar tussen de dikke Duitsers dan het Fiatje of Peugeotje van de secretaresse staat. Het verschil is zo schrijnend dat je je bijna gaat afvragen of ze thuis wel stromend water heeft.

Als je het Zandpad afloopt kom je op een gegeven moment mooiere woonboten tegen, waar waarschijnlijk gezinnen in zitten. Of prostituees die extremere dingen doen en daardoor meer geld kunnen vragen, maar dan is het niet zo handig om zo veel ramen aan de achterkant te hebben. Ik loop ook aan die kant van de Vecht. Toen ik vroeger in Overvecht woonde heb ik vaak nog vanaf de brug staan kijken naar die kermis daar, maar dichterbij hoef ik niet te komen. Het is wel fascinerend. Het is er altijd druk en je ziet vanalles aan en af rijden, maar goedkope wagens zijn het meestal niet. Ik verbaas me er nog weleens over dat ik nooit van m'n fiets ben gereden door iemand die ofwel aan komt rijden en op hete kolen zit, ofwel door iemand die er net vanaf komt en lekker ontspannen is. Al wil je natuurlijk ook niet daar een aanrijding hebben.

Ik wissel nog steeds af tussen radio, muziek en de biografie van Steve Jobs op audiobook. In het laatste geval ben ik al wel zo ver dat ik kan stellen dat de man gewoon een eikel en een hippie was. Wel een bijzondere.

Ik wandel altijd in dezelfde outfit: wandelschoenen, wandelsokken, witte driekwartsbroek, blauw sportshirt en mijn SV Contact-vest voor als het regent of wat kouder is. Ik zou eigenlijk geld van de studievereniging moeten krijgen want ik heb dat ding zo vaak en op zo veel plaatsen gedragen. Voor de Vierdaagse heb ik van het Prinses Beatrix Fonds een knaloranje shirt gekregen, wat lekker op zal vallen.

Ik vind het wandelen soms een beetje gevaarlijk. Niet zelden moet ik ergens lopen waar geen fatsoenlijk fietspad ligt, laat staan een mooi van de autoweg afgescheiden fietspad. Dan loop ik daar wat schichtig vooruit en achteruit te kijken wat er eventueel komt of kan gaan komen en soms van wegkant te wisselen om beter zichtbaar te zijn. Als het kan loop ik in de berm, maar die is lang niet altijd mooi recht en hard. Het loopt zo niet helemaal ontspannen, met auto's en streekbussen die op twee meter afstand met 60 of 80 km/h langs komen rijden. Ook leuk zijn fietsende scholieren, die gelukkig altijd wel op tijd opkijken van hun telefoontje. Moeten ze verder ook zelf weten trouwens. Een blauwe plek of gekneusde rib zal mij weinig deren, maar een barst in jouw iPhone, dat is pas erg.

Overigens vind ik wandelen niet bepaald spannend, en ook niet echt onspannend - zeker als je soms Whatsapp ook aan hebt staan.. Het is wel lekker nadenken over dingen als je zo vrij en alleen aan het lopen bent, maar met een uurtje ben je daar ook wel klaar mee. Het gaat me hier vooral om de prestatie en de uitdaging, maar natuurlijk ook om de sfeer. Daar ben ik erg benieuwd naar en het schijnt toch wel een happening te zijn. Maar ik train nu louter om goed beslagen ten ijs te komen, al zal het sowieso pijn gaan doen. Het zal sowieso ook gezellig worden en ik ben benieuwd wat voor mensen ik allemaal tegenkom, maar ik wil ook wel een beetje op tijd thuis zijn elke dag. Dan heb ik ook weer het plan om de laptop te pakken en dagelijks een verslagje te schrijven. Zoals met carnaval, wat volgens mij wel in goede aarde viel. Hier moet vast ook wel iets van te maken zijn. Als alles afgelopen is zie ik mezelf niet echt meer wandelen. Dan ga ik weer hardlopen (en weer bloggen over andere zaken dan wandelen), want dat is er de laatste tijd stevig bij ingeschoten. Maar als het bevalt dan weet ik zeker dat ik volgend jaar weer wil.

Een thuis is gelukkig ook geregeld, want dankzij een oud-studiegenoot uit Nijmegen heb ik een slaapplek op vijf minuten van de start. Ik geloof dat ik daar ook helemaal voor mezelf moet zorgen, maar dat is niet erg. Ik red me wel. Ik vind het ook helemaal niet erg om die tocht alleen te lopen, want anders zit je ook maar steeds aan dezelfde perso(o)n(en) vast. Ik ben ook erg benieuwd hoe het is om daar een kleine week te zitten, hoe zo'n dag er eigenlijk uitziet, hoe het 's avonds is en wie er wel of niet vrijdag de moeite neemt om naar de finish te komen.

Ik ben zeer positief benieuwd. Zin in.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-06-20 21:05
Subject: Wandelschoenen op grote voet: een queeste.
Security: Public
Location:Utrecht
Music:Of Monsters and Men - Little Talks
Tags:wandelschoenen vierdaagse fietsen
Wandelschoenen op grote voet: een queeste.
Je weet wat ze erover zeggen

Ik ging dus maar eens kijken voor een paar wandelschoenen. Schoenen kopen vind ik altijd een hele operatie, met al die modellen, maten en prijzen. Het wil ook nog weleens voorkomen dat ik, verblind door de schoonheid en/of prijs van een paar schoenen toch een (half) maatje te klein koop, ook al lijkt het goed te zitten. Ik heb maat 46/47, maar als ik een beetje in een 45 pas, dan ga ik voor 45. Het loopt uiteindelijk toch wel uit, ook al levert het in het begin soms een paar bloedende tenen op.

Dat kon ik nu dus echt niet hebben. Ik had van tevoren een beetje het aanbod doorgenomen van de diverse winkels en het nodige online advies doorgenomen. Zo groot mogelijk kopen aangezien je voeten uitzetten tijdens het wandelen, en bij het passen moet er nog een pinkje tussen voet en schoen passen - dat soort werk. De merken en typen zaten goed in m'n hoofd. Meindl, Lowa, Timberland, New Balance, Merrell, Wildebeast.
Die laatste is het huismerk van de Perry Sport en vanwege het feit dat ze daar een groot aanbod hebben en die schoenen niet duur waren ging ik daar maar als eerste heen. Ze zagen er ook best aardig uit, waar veel wandelschoenen te lelijk om op te schijten zijn. Via de mail kreeg ik nog een kortingsbon van €5, waarmee ze dan €55 zouden worden. Goed te doen. Niet dat ik per se voor een dubbeltje op de eerste rang wil zitten, maar als het kan laat ik het niet na. Er is me veel aan gelegen om die Vierdaagse uit te lopen, maar €200 voor een paar heb ik simpelweg niet, hoe fantastisch die schoenen ook zullen zijn. De bomen groeien niet tot aan de hemel. Bovendien geloof ik niet in de hemel. €100 Is wel ongeveer het maximum.

Zo loop ik op een regenachtige vrijdag de Perry binnen - een beetje gespannen wel, gezien het belang van deze operatie. Zoals voorgeschreven heb ik m'n wandelsokken aan. Ik ben ook niet te vroeg gegaan, want gedurende een dag zetten je voeten ook uit. Niet dat het voor mij heel moeilijk is om ergens niet te vroeg te zijn, daar niet van.
Ik verbaas me even over hoe groot die zaak ook alweer is en ga naar de outdoor-afdeling. Daar staat een jongen dozen uit te pakken. We groeten elkaar, maar hij maakt verder geen aanstalten om mij te willen helpen. Misschien is hij ook maar dozenuitpakker-in-opleiding en niet bevoegd om mij eventueel te helpen. Daar ik nooit snel hulp wil vragen laten we elkaar dan maar met rust en ga ik ervan uit dat ik en het internet het ook wel alleen redden.

Ik trek een paar uit het schap, ga zitten en trek mijn kunstleren Asics uit - ik heb een voorliefde voor mooie schoenen van Nederlands fabrikaat, maar daar pas ik met die sokken niet in en ik moet toch ook wat hebben voor onder een, God verhoede het, korte broek - om het echte werk aan te trekken. Al vrij snel is duidelijk dat ik sowieso wel maat 47 nodig heb, wat ik lang niet meer heb gehad. Zo zit ik daar al snel een uur te passen, lopen en te vergelijken. Uiteindelijk vind ik dat paar huismerk eigenlijk even goed zitten als een duurder paar en lijkt de keuze gemaakt. Maar ik vraag voor de zekerheid toch nog maar wat over de hoeveelheid ruimte die ik in die schoen moet hebben, want eerdergenoemde jongen is inmiddels iemand - mooie vrouw, aan de schoenen te zien rijker dan ik. Maar ik was daar niet om te verleiden - aan het helpen en blijkt wel enige kennis van zaken te hebben. Tot mijn verbazing raadt hij mij niet alleen ten zeerste af om met die schoenen de Vierdaagse te lopen, maar heeft hij mij überhaupt niets geschikts te verkopen binnen mijn budget, afgezien van een model wat 'maar' tot maat 46 gaat en dus te krap is. Lege handen dus, want ik ben nu maar eens niet eigenwijs. Als het duurder moet dan is het ook maar zo, maar ik kijk eerst wel even verder. Mijn kortingsbon vind ik later na een wasbeurt verkruimeld in mijn achterzak terug.

Buiten ben ik nog wat verrast, maar moet ik vooral een beetje lachen om mezelf. Ik moet weken aan pure tijd hebben verspild door nooit (snel) dingen te willen vragen. Ik vraag bijvoorbeeld nooit de weg en als ik in de supermarkt iets niet kan vinden, dan is het er simpelweg niet - ik heb ruim twee jaar in een supermarkt gewerkt, dus ik weet hoe ze denken. Noem mij een avonturier.
Ik loop nog even door de Intersport, maar de schoen die ik dan op het oog heb is er aanzienlijk duurder dan elders. Wel veel medewerkers daar, die me allemaal graag lijken te willen helpen.

De schoen die ik dan op het oog heb is de officiële schoen van de Vierdaagse en die hebben ze deze maand met korting bij de Runnersworld, waardoor die mooi in het budget past. Nu ben ik altijd wel huiverig voor dat soort endorsements, maar ik kan me ook echt niet voorstellen dat ze bij de Vierdaagse rommel gaan lopen aanprijzen.
Dus ik zaterdag naar de Runnersworld (in de Galgenwaard) en vraag daar naar de New Balance 888. Dat klinkt als een orthopedische sandaal of juist als iets heel goedkoops, maar het is toch echt een serieuze sportartikelenfabrikant. Ik had er ook nooit van gehoord.
Ze hebben die alleen niet in mijn maat. Wel een ander model, de 780, en dat zit ook wel lekker. Ook prima, want goed is goed. Maar bij nader inzien adviseert een college toch een halve maat groter en die hebben ze dan weer niet. Kan ook een paar dagen duren totdat ze weer op voorraad zijn, want er is moeilijk aan te komen. Daar heb ik geen zin in. Ze zijn wel zo vriendelijk om even te bellen of het filiaal in Amersfoort mijn maat nog heeft. Dat blijkt het geval te zijn, dus daar wordt wat apart gezet. Het is zelfs de 888. Dat wordt dus een stukje naar Amersfoort fietsen. Lijkt me wel een goede zaak, die Runnersworld. Ik zal daar nog weleens langs gaan voor nieuwe hardloopschoenen.

Maar dat Amersfoort, dat is verder dan ik dacht. Toch zo'n 25km om bij die zaak te komen. Nu draai ik normaal gesproken m'n hand niet om voor zo'n stukje - ik ben in de zomer van Udenhout naar Utrecht gefietst (108km) en ik wil binnenkort een rondje Udenhout-Nijmegen-Udenhout (ca. 160km) doen - maar dan wel op mijn Udenhoutse fiets met aluminium frame, veel versnellingen, smalle en hardstaande banden en een fijn zadel. Niet dat mijn studentenfiets zo'n enorm barrel is, maar ik had de banden toch wel iets op kunnen pompen en op niet al te strak wegdek wil de ketting er nog weleens afvliegen. Nog steeds prima om rustig naar Amersfoort te peddelen, ware het niet dat ik moeilijk rustig kan fietsen. Alles wat verder is dan het station wordt voor mij vaak een soort van tijdrit. Ook hier zet ik lekker Sports Tracker aan en maak lekker tempo. Ondertussen luister ik wat naar de radio, afgewisseld met YouTube voor het net ontdekte lekkere plaatje 'Little Talks' van Of Monsters and Men of de Epic Rap Battle tussen Bill Gates en Steve Jobs.

Zo kom ik relatief snel in Amersfoort. Ik moet even zoeken, want ik moet bij De Kamp zijn en ik dacht dat het een winkelcentrum was. Zo klinkt het, vind ik. Het blijkt een soort van Twijnstraat, maar dan met nog iets dommere verkeersdeelnemers dan in Utrecht.
Eerst maar wat afkoelen en wat eten (mueslirepen) en drinken (water) en dan dat varkentje maar eens gaan wassen. Ze hebben inderdaad op mijn komst gerekend en er worden twee dozen uit het magazijn gehaald. Ik pas het eerste paar, ga staan, loop een rondje en vind het wel prima. Zit goed, voelt stevig. Ik ga hier ook niet mee bezig blijven. De verkoper voelt ook nog eens en geeft zijn fiat. Deze maat 47,5 heb ik wel nodig... Het is de zwarte versie. Ik houd van zwart, maar als ze alleen de bruine zouden hebben was het ook geen ramp. Dat is dan €91,95. Ze accepteren MasterCard.

Op de terugweg trap ik ook weer stevig door, maar het valt me een stuk zwaarder nu. Niet alleen vanwege dat paar schoenen wat ik meedraag, maar ook omdat er meer heuveltjes bedwongen moeten worden en er bij vlagen tegenwind staat. Het is hard werken, een beetje afzien zelfs.
Onderweg kom ik ook enkele wandelaars tegen en het eerste waar ik nu naar kijk zijn de schoenen. Bij mannen althans. Soms slaat de schrik me om het hart. 'Van die dingen van Pantofola d'Oro (ik heb iets met merken), daar kun je toch niet fatsoenlijk mee wandelen!' Ik kan alleen maar hopen dat het maar voor een stukje is, maar ik wil toch bijna mijn handen ten hemel heffen. Alleen zou ik dan waarschijnlijk van m'n fiets donderen, met die schoenen. Weinig New Balance.

Ik heb uiteindelijk nog tot maandag spierpijn van de fietstocht, zo heb ik door zitten trappen. Dat is allemaal niet zo erg, het gaat erom dat die wandelschoenen op de lange afstand comfortabeler zijn dan mijn hardloopschoenen. Ik kan al verklappen dat dat gelukkig het geval blijkt te zijn. Ik kom daar misschien nog eens op terug, want je ziet genoeg tijdens het wandelen.
Het zijn ook wel intrigerende dingen, die schoenen. Met flinke zolen die uit meerdere delen bestaan, wat allemaal een functie zal hebben. Soepel leer en dan weer ergens een stuk kunststof voor extra stevigheid. En technieken als Walking Strike Path, ABZORB, N-lock, C-CAP, Stability Web, Ndurance en wat ze allemaal niet meer kunnen bedenken. Dat zit wel goed.

Maar tjonge, maat 47,5.

PS: er kan natuurlijk nog steeds gesponsord worden. Dank.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-06-04 15:10
Subject: Vierdaagse-training #1.
Security: Public
Location:Udenhout
Music:Walter Isaacson - Steve Jobs Biography
Tags:vierdaagse wandelen training
Vierdaagse-training #1.

Afgelopen vrijdag vond ik het maar eens tijd om een lekker stukje te gaan wandelen als eerste training. Van tevoren heb ik me wat ingelezen in het wandelgebeuren en wat tips tot me genomen of juist naast me neergelegd. Je moet ook weer niet
 te gehoorzaam zijn. Zo heb ik wél een paar wandelsokken gekocht (van de HEMA, maar dat moet goed genoeg zijn. Het professionele spul is ook duur), maar kijk ik eerst nog even hoe mijn hardloopschoenen zich houden voordat ik eventueel investeer in beter schoeisel. Ook kon ik geen tight (voor onder m'n broek, tegen schurende benen) vinden, alsmede een mooi petje. Zo warm was het ook niet niet, en ik vind petjes ook heel lelijk. Dat komt nog wel, net als - andere tip - een sjaaltje in m'n nek tegen de zon. Ik wil jullie ook niet onthouden dat er ook aangeraden wordt om je ondergoed goed te inspecteren op eventueel hinderlijke naden en indien aanwezig je ondergoed binnenstebuiten te dragen. Als het écht zo erg is koop ik wel wat naadloos ondergoed.

Zo ging ik rond een uurtje of twaalf van huis. De MP3-speler was opgeladen en voorzien van wat luisterboeken om te kijken of dat wat is voor onderweg. Dat viel wat tegen, moet ik zeggen. Ik begon met The Hunger Games, maar ik denk dat ik te snel afgeleid ben om dat goed te kunnen volgen. Vervolgens probeerde ik Max Havelaar, maar daarbij was echt álles uit het boek ingesproken - tot de voetnoten aan toe - wat echt geen doen was. Met de biografie van Steve Jobs hield ik het nog een tijdje uit, totdat het saai werd en ik toch weer overschakelde op muziek en radio.

Ik liep eerst naar de Uithof. Kwam ik daar ook weer eens en ik kon er gelijk even naar de wc. Ik vond het David de Wiedgebouw erg mooi geworden en zette koers naar Zeist. Dat ging via een of ander smal en onoverzichtelijk weggetje, waarvan ik me niet aan de indruk kon onttrekken dat er op wekelijkse basis toch wel een paar overhoop zouden moeten worden gereden, en/of worden verkracht. 

In Zeist was het nog een stukje lopen naar het centrum. Onderweg kwam ik langs het hoofdkantoor van Triodos bank en zag daar dat ze daar overwegend hybride, elektrisch of Skoda rijden. Ze weten daar wel wat goed voor de planeet is. In het centrum duik ik een Albert Heijn in om wat te eten en drinken en een beetje bij te komen, al gaat het erg goed. Ik ben zo weer buiten en nuttig onderweg m'n banaan, water en mueslirepen. Het gaat lekker, zowel lichamelijk als het tempo dat het sportprogramma op mijn telefoon laat zien.
Ik loop nog een beetje door Zeist en zie daar nog wat Wim Kok er een biologische slagerij heeft - alsof die niet genoeg graait als commissaris bij TNT - en er een friettent is die Sjefkes heet. Zo zou elke friettent moeten heten. Andere bezienswaardigheden als de KNVB, Slot Zeist en De Warande laat ik even voor wat ze zijn. De Warande is een SSH-complex voor mensen die dicht bij de Uithof willen wonen, maar niet cool genoeg zijn voor Utrecht.

Ik ga naar De Bilt. Dat ken ik wel van de keer dat ik ging hardlopen, verdwaalde, en vervolgens een persoonlijk record neerzette omdat ik toch naar huis moest en dan maar beter door kon hollen. De Bilt stelt verder weinig voor, als kom ik nog langs de wijnimporteur waar vriend Harro nog voor heeft gewerkt. Ik ga weer de bordjes Utrecht volgen, al twijfel ik nog even of ik Amersfoort - 13km verderop - niet ook nog even meepik. Het gaat immers goed. Maar m'n lichaam begin ik toch wel wat te voelen en ik wil niet forceren, dus Amersfoort moet nog even wachten.

Via de lange Utrechtseweg/Biltsestraat kom ik weer in Utrecht. Om de tocht nog wat te rekken loop ik via het Wilhelminapark en University College naar Stadion Galgenwaard. Bij de Jumbo aan de IBB, na zo'n 30km en 4 uur wandelen, koop ik weer een banaan, water en mueslirepen die ik weer al lopende opeet.
Via de Catharijnesingel loop ik dan naar huis, waarbij ik nog twijfel of ik niet nog even Lombok en een rondje Julianapark meeneem om dichter bij de 50km te komen. Maar ik voel mijn spieren inmiddels behoorlijk en voel pijnlijke plekken ontstaan op de bal van beide voeten. Die ga ik nog nodig hebben en het is heel mooi geweest voor een eerste training.

Uiteindelijk stopt de tracker op een dikke 37km in een kleine vijf uur. Neerkomende op ruim 7,5km/h is dat een zeer serieus wandeltempo. Op internet lees ik dat dat zo'n 2km/h sneller is dan de gemiddelde loper, dus daar ligt het niet aan. Ook conditioneel heb ik geen enkel probleem. Het is puur een kwestie van de boel over vier dagen gezien een beetje heel houden. Daarbij gaat het helemaal niet zo om snelheid - het gaat ook om de sfeer - maar ik wil ook graag een beetje op tijd thuis zijn. Maar het zal pijn gaan doen, dat weet ik nu al.

Bij m'n flat aangekomen neem ik maar eens de lift - ik neem liever de trap, want ik ben 25 en geen 85 jaar - en thuis neem ik een pilsje. Niet alleen omdat ik daar erg veel zin in heb, maar ook omdat het de spieren ontspant. Die staan namelijk zo strak als een bos uien. 

Ik ben erg tevreden over de eerste keer. De volgende keer ga ik de 50km doen en daarvoor heb ik al een leuk stukje door onder meer de Loonse en Drunense duinen in gedachten. Kijken hoe ik me dan houd en waar ik nog in moet investeren. Ik denk dat de investering in een paar stevige schoenen nog wel de moeite waard is, dus daar moet ik me nog even op gaan oriënteren.

Ik voelde het dus wel - uiteraard - maar zaterdag kon ik alweer zonder al te veel ongemak achterin in een auto zitten om veel schoenen te gaan passen. Vandaag voel ik er helemaal niets meer van en wil ik weer gaan hardlopen, ware het niet dat het weer (vooralsnog) niet mee zit.

Ik ben er natuurlijk nog lang niet, maar ik heb al wel vertrouwen in de goede afloop.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-06-04 15:07
Subject: Mijn vierdaagse voor het goede doel.
Security: Public
Location:Udenhout
Music:The Proclaimers - 500 Miles
Tags:vierdaagse wandelen sponsoring prinses b
Mijn Vierdaagse voor het goede doel.
Excuses voor de weinig sprankelende titel

Ik doe dit jaar voor het eerst mee aan de Nijmeegse Vierdaagse. Ik houd wel van dat soort evenementen en vind het iets wat je toch wel een keer gedaan moet hebben. Nu kan dit ook voor het goede doel en die mogelijkheid grijp ik graag aan. Ik loop er immers toch al rond, zo snijdt het mes aan verschillende kanten. Mijn spieren voor andermans spieren, zegmaar.


Mijn keuze is gevallen op het Prinses Beatrix Fonds. Deze organisatie zet zich in voor onderzoek, diagnose en behandeling van spierziekten (zoals Duchenne, ALS en SMA), alsmede informatievoorziening.
Ik heb voor dit doel gekozen omdat in mijn omgeving iemand een ernstige spierziekte heeft en ik zo regelmatig zie wat de impact daarvan is op je leven, zowel dat van patiënt als van diens omgeving. Zonder in details te treden of overdreven sentimenteel te doen: dat gun je niemand.

Hoewel ik mezelf een hele taaie jongen vind, is de Vierdaagse een hele uitdaging die ik niet wil onderschatten. Vier dagen lang 50km per dag wandelen doe je toch niet zomaar. Daarom wil ik ook goed gaan trainen om tijdig eventuele problemen te constateren, deze aan te pakken en zo optimaal aan de start te verschijnen en het ding natuurlijk uit te lopen.

Ter zake: naast morele steun is in dit geval ook financiële steun zeer welkom. Dus like, share, maar vooral: doneer. Dat kan via deze pagina, en via de homepage www.devierdaagsesponsorloop.nl kun je anders ook zoeken op mijn naam of het goede doel om bij mijn profiel te komen. Als je klikt kan het zijn dat je een of andere beveiligingswaarschuwing moet accepteren of negeren, aangezien de website eigenlijk broddelwerk is (er kan maar weinig tekst op en ik moet ook mailen als ik iets aan wil passen, zodat ik niet te veel racistische uitingen doe). Maar het zal ongetwijfeld betrouwbaar zijn, dus ik hoop dat niemand zich erdoor laat afschrikken.

De opbrengst gaat 100% naar het Prinses Beatrix Fonds. Dit komt doordat ik al een bedrag heb betaald om administratie- en transactiekosten af te dekken. Je betaalt ook geen geld aan mij, maar machtigt het Prinses Beatrix Fonds om je donatie af te schrijven na de Vierdaagse. Als je mij dus nog eens ziet met een mooie nieuwe Nokia, word dan niet achterdochtig.
Het is zelfs zo dat je kunt besluiten om niets te doneren als ik toch het einde niet haal. Hard, maar fair.

Alvast bedankt,

Martijn 
Post A Comment | Share | Link






Martijn Piggen
Date: 2012-05-03 23:38
Subject: Rennen.
Security: Public
Location:Utrecht
Music:Bruce Springsteen - Born To Run
Tags:hardlopen batavierenrace
Rennen.
Van Nijmegen naar Enschede bijvoorbeeld

Ik heb afgelopen weekend met mijn studievereniging weer meegedaan aan de Batavierenrace - in de volksmond de Bata, maar ik houd niet van afkortingen. Dat is in het kort een estafetteloop voor studenten van Nijmegen, via een stukje Duitsland, naar Enschede. Zoals de Batavieren (Batavi of Bataven kan ook) ooit gedaan hebben. Behalve dan dat die route toen van Nijmegen naar Rotterdam liep en die Batavieren waarschijnlijk geen student waren, maar gewoon beroeps-Batavier. De race bedraagt 175km, verdeeld over 25 etappes, 350 teams (onderverdeeld in een nacht-, ochtend- en middagploeg) en zo'n 8.500 deelnemers. Vrouwen mogen ook meedoen en dat is een ontwikkeling die alleen maar toe te juichen is. Het begint vrijdagnacht om 00.00 uur op de Radboud Universiteit Nijmegen en zaterdagmiddag rond 17.00 uur komen de lopers zo'n beetje binnen op de atletiekbaan van de Universiteit Twente.

Het is ook alweer mijn derde Batavierenrace. De eerste was in 2009. Jorik, geboren Enschedeër, kwam ermee en als bestuursactiviteit - tegenwoordig doet de Activiteitencommissie het - zouden we meedoen aan de Batavierenrace. Dat betekende dat ik moest gaan hardlopen, wat ik bij mijn weten daarvoor nooit fatsoenlijk heb gedaan. Ik dus naar de Scapino voor een hardloopshirt en een paar Reeboks van vijf tientjes, want je moet ergens mee beginnen. Alles in het zwart trouwens. Vrijwel alle schoenen zijn wit en dat zal ongetwijfeld logischerwijs iets met warmteontwikkeling te maken hebben, maar ik houd van zwart. Ook hardlopen moet esthetisch verantwoord zijn.
Zo begin je dan maar een beetje te lopen. Ik heb nooit wat met schema's gedaan en om die Belgische met haar intervalprogramma en oude dancemuziek moet ik een beetje lachen, maar dat moet iedereen natuurlijk voor zichzelf weten. Ik doe zelf gewoon maar wat. Dat heb ik wel vaker. Enfin, zo loop je maar eens naar opa en oma en moet je in die 3km drie keer stoppen met rennen. Dat valt dan wat tegen, maar je moet ergens beginnen.

Maar als je maar bezig blijft komt de progressie vanzelf. Steeds iets verder en iets makkelijker en uiteindelijk loop je in één keer naar opa en oma, waarna het tijd is voor nieuwe uitdagingen. In de tussentijd pak ik het ook iets professioneler aan met een sporthorloge om de tijd bij te houden en op een gegeven moment doen ook die hardloopprogrammas's voor smartphones hun intrede. Dat noemen ze gamification en ik vind het zelf ook erg leuk om naderhand te zien wat ik gepresteerd heb en te vergelijken met andere keren. Ik stond zelfs eens klaar om te gaan rennen, ware het niet dat mijn GPS geen verbinding kon maken. Toen ben ik weer naar huis gegaan, want dan vind ik er ook weinig aan. Verder is het ook wel een sport voor mij. Mijn benen hebben toch altijd mijn gewicht moeten dragen en daarbij ijsbeer ik ongeveer een kilometer per dag en neem ik bij voorkeur een normale trap in plaats van een roltrap. Ik vind mijn benen, samen met m'n horloge, ook wel het mooiste aan mij. Op niet al te grote afstand volgt dan de rest.

Zo ga je langzaamaan ook een beetje van hardlopen houden. Je begint er altijd met wat tegenzin aan, tijdens het lopen heb je momenten dat je alleen maar wilt stoppen met lopen of leven, maar als je klaar bent en het een beetje fatsoenlijk hebt gedaan voelt het heerlijk. Het is ook een hele fijne uitlaatklep en je loopt echt het best als je ongelukkig of boos bent. De kwestie kwam al langs in mijn stuk over stoppen met roken, maar toen mevrouw Piggen mevrouw Piggen niet meer was liep ik ook opeens vrijwel ongetraind - we deden in 2010 niet mee aan de Batavierenrace - een tot dan toe persoonlijk record van 9km. Het lichaam kan het niet aan, maar de geest dwingt om door te gaan. Dat is dualisme. Ik draaide er wel m'n knie in de soep, waardoor ik een week of wat moeilijk liep. Ik bedoel maar. Soms pas ik m'n muziek ook aan aan de stemming. Emotie als brandstof zegmaar. Op een volle tank kom je het verste. Maar soms luister ik ook gewoon naar Nick & Simon.

Terug naar de race. De grote charme is dat je een hele nacht, ochtend of middag met elkaar in een busje zit en van punt naar punt rijdt om lopers en fietsers (als ondersteuning voor de loper) af te zetten en op te pikken. Helaas had het door ons gereserveerde busje net schade gereden, waardoor we het met twee kleinere auto's moesten doen - met de Batavierenrace is er in de studentensteden geen busje meer te vinden. Het waren in ieder geval kwaliteitsproducten van de Volkswagen Groep. Wel jammer, maar niets aan te doen en evengoed gezellig. Na de start in Nijmegen konden de motoren eindelijk gestart worden, want we zaten daar ook al vanaf 20.00 uur. Gezellig, maar op een gegeven moment wil je wel op pad. Ik mag dan graag zitten piekeren over hoe zo goed mogelijk aan de start te verschijnen. Waarin ga ik lopen? Zal ik nog naar de wc moeten? Heb ik genoeg, maar zeker niet te veel, gegeten en gedronken? Voor dat laatste heb ik een uitgebreid assortiment eten (maaltijdsalade, bananen, boterhammen, fruitrepen) en drinken bij. In de laatste categorie valt Monster Energy. Een blik Monster van een halve liter kost minder dan een blikje Red Bull en probeert ook niet de smaak daarvan na te bootsen. Noem mij een individu die op de kleintjes let.
Het is allemaal een beetje valse gezondheid, want later zal ik toch wel weer staan te daggeren met de duivel, maar voor nu wil ik niets aan het toeval overlaten. Tot Dextro aan toe, want een placebo-effect is ook een effect.

Zo rijden we door de nacht, de Achterhoek en een stukje Duitsland, tot het een paar minuten na drieën dan mijn beurt is. Jorik komt door het poortje en geeft me het hesje (met transponder voor de tijdwaarneming en reflectie voor de veiligheid), een aanmoedigend klopje en weg ben ik. Tegelijk met de eerste passen zet ik m'n stopwatch en Sports Tracker aan. Vooral niet te snel beginnen, want als je pech hebt blaas je jezelf halverwege op en dan heb je een slechte tijd, op diverse niveaus. Ik start snel, dat voel ik wel, maar ik blijk het vol te kunnen houden. Ik heb het ook maar vol te houden, want het is de Batavierenrace en geen doorsnee rondje door Overvecht. Dat is het wel met zo'n wedstrijd, je haalt net wat meer uit jezelf door de sfeer en het competitie-element. Dat heeft me vorig jaar goed geholpen, toen ik met 26 graden 8,8km moest lopen. Ik geloof niet dat ik eerder lichamelijk zo geleden heb. Maar ik zat in een wedstrijd en heb er nog voor betaald ook. Ik zou het mezelf niet vergeven als ik zou stoppen. Tijdens een rondje Overvecht was ik allang een ijsje gaan halen. Nu liep ik uiteindelijk nog een hele redelijke tijd. In een theoretisch klassement voor zware rokers had ik helemaal hoge ogen gegooid.

In die competitie mag ik nu niet meer meedoen, dus er moet meer in zitten. Het is sereen op de etappe Rindern - Oraniendeich. Naast mij op de fiets Maaike met oppeppende woorden en muziek van diverse allooi. Spring maar achterop bij mij, achterop m'n fiets - als ik al zou willen zou dat niet verstandig zijn, want je wordt gewoon gediskwalificeerd (Foutcode A - anders voortbewogen). Verder is het eenzaam op die Duitse dijk. Ik haal in mijn 8,1km een mannetje of vijf in en ik word één keer ingehaald. Die persoon draagt een oranje hesje (universiteitsteams), dus daar hoef ik me niet voor te schamen. Zo blijf ik lekker gaan, waarbij ik pas na geruime tijd op m'n horloge wil kijken, want dat valt altijd tegen. Het wordt richting het einde zwaarder om het tempo vast te houden, maar dit is de Batavierenrace en dus blijven we gaan. Als ik het bordje passeer dat de laatste kilometer markeert versnel ik nog een beetje, maar ondanks dat lijkt er geen einde aan die kilometer te komen. Helemaal leeg (zoals de bedoeling was) sprint ik uiteindelijk door het bevrijdende poortje, geef het hesje aan Maaike die vooruit was gereden voor een soepele wissel. Ik hijg even uit, trek warmere kleren aan en slinger vervolgens achter Maaike aan voor een etappe waar we nog lekker nat regenen ook.

Uiteindelijk komen we met de ploeg rond een uur of zeven aan bij het wisselpunt, waar we de boel - auto's, hesje, instructies - overdragen aan de ochtendploeg. Van daaruit moeten we nog helaas nog even wachten op een plekje in een touringcar die ons naar Enschede brengt. In die touringcar drinken we maar een pilsje - de andere suikers bij ik bij me had - terwijl we wat napraten over onze prestaties en ervaringen. De officiële tijden zijn al op te vragen en daaruit blijkt mijn tijd niet zo spectaculair als de GPS me wilde doen geloven, maar nog steeds erg netjes. Al staat mijn 12,1km/h ook nog in schril contrast tot de koplopers die 18-19km/h halen. Maar ik ben de snelste van de nachtploeg en uiteindelijk een van de snellere van het hele team. En dus tevreden. Sowieso mag ik graag de resultaten bestuderen om te kijken wie er goed waren en waar we het hebben laten liggen. Dat blijkt dit jaar flink mee te vallen. Natuurlijk loopt niet iedereen even snel, maar we hebben geen gedoe met straftijd door allerlei onregelmatigheden. Zo werden we in 2009 niet eens geklasseerd en vorig jaar op vier na laatste. Dit jaar worden we 234ste, wat voor zo'n team gewoon netjes is. Chapeau dus.

Op de campus aangekomen kunnen we nog net de middagploeg uitzwaaien en duiken we vervolgens onze tenten maar in. Om een pilsje te pakken en verder te lullen. Immers, dit is de Batavierenrace en slapen is zonde. Zo komen we de dag verder wel door. Sommigen proberen nog te slapen (ik ook nog even, maar veel stelde het niet voor), anderen krijgen het voor elkaar om er op zo'n dag nog honderd pagina's aan Nederlandse literatuur doorheen te jagen - zelf blader ik soms wat door de AutoWeek Classics & Youngtimers Special, wat ook mooi is. Mensen gaan nog even douchen, wat vaak geen overbodige luxe is, of eten en bier halen bij de afzetters van de Coop. Gedurende de middag komen de andere ploegen terug en op een gegeven moment is het tijd voor de afsluiting, te weten de binnenkomst van de 24ste (dames) en 25ste (heren) etappes op de sintelbaan na gestart te zijn op de Oude Markt in Enschede. Traditie hierbij is om deze etappe gek uitgedost te lopen, dus je ziet de gekste dingen. Assless chaps, hele roeiboten, meters bier, leeuwenpakken. Maar sommige mensen zijn ook gewoon van zichzelf lelijk. Wij houden het nog beschaafd met een legging met panterprint voor Bart.
Ik had in 2009 de eer om deze etappe te lopen en dat was een geweldige ervaring. Overal mensen en zeker als je die baan oploopt gaat het helemaal los. Dan zet je met liefde nog even aan om nog een paar Slowaken in te halen. Zo ben ik dan ook wel weer. Wel gewoon in mijn normale hardloopkleding, want dat vond ik al gek genoeg.

's Avonds is er dan een bak hele redelijke opwarmpasta en wordt er nog serieus gefeest. Ik zou dat bijna vergeten, maar 's avonds vindt er op de campus het grootste studentenfeest van de Benelux plaats. Dat 'lux' is wat overbodig, want die campus is zo'n beetje even groot als Luxemburg, maar toch leuk. Daar pers je dan met een mannetje of 13.000 nog even het laatste beetje energie eruit. Het is druk en gezellig, iedereen raakt elkaar kwijt (en vindt andere bekenden of onbekenden) en Grolsch die avond een omzet behaalt waar ze in een klein Afrikaans land steil van achterover slaan. Er zijn mensen die alleen voor dat feest naar Enschede komen, maar voor mij is het nogal van secundair belang. Ik kom in de eerste plaats om te lopen. Als ik slecht gelopen zou hebben zou ik ook geen leuk feest hebben. Maar ik had gelukkig lekker gelopen, dus ik kon om 03.00 uur tevreden omvallen om een uur of vijf later alweer op te staan en op te breken. Wat ben ik toch dol op de Batavierenrace. Als het kan doe ik volgend jaar weer mee. Hopelijk maken ze dan wel weer een actiefoto van me, want ze misten mij vorig jaar ook al. Je zou gaan denken dat ze het expres doen.

Nu is het zaak om lekker bezig blijven, want het is altijd verleidelijk om na zo'n prestatie achterover te gaan leunen en veel vorm te verliezen. Daarom staat er in juni maar alvast een wedstrijd van 10km gepland. In juli loop ik de Nijmeegse Vierdaagse, al is dat van een andere orde. Gelopen wordt er dus nog wel. Mijn trouwe Reeboks laten inmiddels hier en daar wat gaten zien, dus ik denk dat ik binnenkort maar eens een paar nieuwe schoenen laat aanmeten, want daar zal ik niet slechter van worden. Het worden uiteraard weer zwarte.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-04-08 23:52
Subject: Ik zal er nog maar eens eentje opsteken.
Security: Public
Location:Udenhout
Music:Bon Jovi - Last Cigarette
Ik zal er nog maar eens eentje opsteken.
De psyche van de (oud-)roker

Het moet ergens in 2007 ofzo zijn geweest, in mijn eerste of tweede jaar in Utrecht. Ik vond het destijds leuk om mezelf af en toe een week een uitdaging te geven. Een week elke dag wandelen of hardlopen, een week elke dag zelf koken. Dat soort werk. Zo ging ik ook een (mid)week niet drinken, van maandag tot en met vrijdag. En dat ging allemaal prima verder, totdat we op donderdag uit gingen, in Tivoli uiteraard. En daar ging het mis. Ik kon er gewoon niet aarden zo, alcoholvrij. Water, maltbier, energiedrank, uiteindelijk was ik zo chagrijnig dat ik maar alvast naar buiten ging en daar op de rest zou wachten. Buiten verveelde ik me dan weer. Volgens mij had ik toen al een smartphone met internet, maar jullie allemaal nog niet. Ik moest kennelijk gewoon iets om handen hebben. Toen ben ik naar Kafe België gegaan en heb ik daar een pakje Camel en een aansteker gekocht. Toen ben ik een stukje gaan wandelen, terwijl ik wat sigaretten wegrookte. Ik moet het niet vies gevonden hebben. Onderweg heb ik nog wild staan plassen tegen de Geertekerk, maar dat was niet de grootste fout.

Toen ben ik dus gaan roken. Op m'n twintigste, niet eens rond m'n zestiende zoals de meesten. Met stoerheid had het verder niets te maken. Ik had op m'n zestiende ook al kunnen roken, aangezien ik altijd met twee kettingrokende beste vrienden in de pauze, tijdens tussenuren of wanneer we uit de les waren geschopt op het schoolplein stonden. Nooit een trekje genomen toen.
Maar kennelijk vond ik het nu nodig. Volgens mij hebben mijn vrienden mij nog zien roken toen we elkaar weer zagen buiten Tivoli, maar hun bezwaren of hoongelach zal ik gebagatelliseerd hebben. Ik heb het pakje natuurlijk niet weggegooid. Ik had er geld voor betaald, en wie weet kwam het nog ergens van pas of kon ik het aan een rokende vriend geven. Misschien heb ik er bij thuiskomst nog eentje gerookt. Voor verslaving moet ik niet bang zijn geweest. Ik had al wat staaltjes van zelfbeheersing laten zien.

Maar het pakte me. Je rookt er een paar meer en als het pakje op is koop je vroeg of laat toch een nieuw pakje, want het was toch wel lekker. Nee, je hebt het nodig en dat maakt het lekker. Niet-rokende vrienden verklaren je voor gek, rokende vrienden misschien ook maar vinden het stiekem ook wel gezellig. Leuk gezicht ook, die drie pakjes Gauloises als ik met Geert en Ilja op het terras of in het café zit. Die mooie blauwe pakjes. Alleen die speciale pakjes die ze af en toe uitbrengen zijn verschrikkelijk lelijk. Ik heb ook perioden Winston rood gerookt, goedkoper en ook goed te roken. Maar geen Gauloises.

Zo wordt de sigaret een vriend. In goede en in slechte tijden. Als ik 's avonds laat alleen op het station sta of over straat loop, na het eten, als ik zenuwachtig of gestrest ben, na college, 's ochtends bij de koffie, voor college, bij elk pilsje, in de pauze van het college, of gewoon even lekker tussendoor. Het is ontspanning. Natuurlijk ook na de seks. Ik heb ook alleen maar vrouwen die roken. Die kom je toch tegen, het schept vast meteen een band en natuurlijk willen een hoop niet-rooksters je gewoon niet. Deze sigaret is alleen minder gebruikelijk dan de anderen. Ik drink gewoon meer koffie dan dat ik seks heb.

Zo rook je standaard lekker een pakje per dag. Minstens, want gooi er maar een pakje bovenop als het gezellig wordt. Het is vaak gezellig. Als ik naar een huisfeest ga zorg ik dat ik goed bevoorraad ben. Als ik om 20.00 uur thuis merk dat ik nog (maar) een half pakje heb haal ik bij. Ik ga toch zeker niet op een houtje zitten bijten voor die paar euro per pakje. Soms is het voorraadmanagement in de war en moet er gang gezet worden naar de grillroom of anders, want nóg later, het tankstation. Een man moet toch roken. Toen het rookverbod in 2008 inging ging ik gewoon buiten staan, al is in de winter buiten roken hartstikke ongezond. Uiteraard gaan we op zoek naar de cafés waar je nog binnen mag roken.

Op een gegeven moment begint het alleen wel tegen te staan. Niemand hoeft een roker te vertellen dat het slecht voor hem is, dat het risico op hart- en vaatziekten hoger is, je zaad slechter wordt en het niet goed is voor je ongeboren kind, en ga zo maar door. Dat is ook allemaal voor latere zorg. Ik heb er het geld voor over, grote delen van mijn familie roken als een ketter en worden allemaal minimaal tachtig, als ik een kind zou krijgen stop ik natuurlijk en sowieso zal ik niet m'n hele leven roken. Het is iets voor nu en nu draagt het bij aan mijn geluk. Eventuele zorgen zijn van meer oppervlakkige aard zoals je vingers die soms toch wel erg stinken en geel zijn, of je positie op de markt omdat je rookt.

Maar soms komen de zaken samen en besluit je te stoppen, zoals elke roker eigenlijk wil stoppen. Soms was het na een introductie waarbij ik me helemaal de tering heb gerookt en daarna bijna niet meer kunt praten, soms zomaar een helder moment, soms omdat m'n rekeningsaldo zo schrikbarend was dat het roken er wel uit móest. Het stopritueel was altijd hetzelfde: op het moment dat ik besluit te stoppen gaan gelijk de sigaretten en aansteker(s) de vuilnisbak in. Geen allerlaatste sigaret of moment dat ik met mezelf afspreek om te stoppen, want op die manier krijg je cognitieve bedevaartsoorden. Cold turkey op z'n koudst. Pleisters en kauwgom zijn voor mietjes, ik ga voor veel Sportlife en zoethout. Wie de moeite neemt om mijn bloggeschiedenis door te spitten vind er een aantal posts over, met vaak hele stoere taal. Ik ben nu toch wat bescheidener, door schade en schande wijs geworden.
De duur van mijn stoppen verschilt van minder dan een dag tot een paar maanden tot een half jaar. Die dag is wel een uitschieter en daarbij een belangrijk advies: stop wel in een (emotioneel) redelijk stabiele tijd. Niet heel lang nadat mevrouw Piggen mevrouw Piggen niet meer was leek het mij niet eens zo'n gek idee om dan ook maar te stoppen met roken. Immers, het was toch al ellende en dan zou dit er nog wel bij kunnen. Misschien zou het elkaar zelfs opheffen. Ik wist niet hoe snel ik weer een pakje sigaretten moest halen dat het zelfs gezien de situatie nog gênant was.

De laatste keer is nu een maand geleden. Ik ging hardlopen en het viel me zo zwaar dat ik het beu was. Ook al liep ik eigenlijk zo'n beetje een persoonlijk record, het moest allemaal anders en beter. Het klopte niet om een redelijk actieve levensstijl te hebben en daarbij een pakje per dag weg te werken. Of ja, het was inmiddels minimaal anderhalf pakje per dag geworden en dan ben je per maand zo ongeveer een Playstation 3 aan het opbranden. Het was eigenlijk totaal uit de hand gelopen. Tussen m'n bed uit komen en in m'n badjas naar beneden lopen zaten zeker twee peuken, en na het tanden poetsen mocht ik er ook graag nog een of meerdere opsteken. Ik en mijn lichaam verdienden beter. Inmiddels voel ik me heerlijk fit en fris en zijn er sportief al grote verbeteringen zichtbaar. Thuis kreeg ik navolg, waardoor het huis opeens een stuk frisser is. Het gaat goed en ik ben sterk, maar het blijft oppassen en niet alleen voor gewichtstoename.
De opdracht is namelijk even makkelijk als dat zij moeilijk is: niet meer roken. Niet minder roken, want ik ken alleen maar de standen 'aan' en 'uit', maar helemaal niet meer.

Het is zo'n fijn onbepaald doel. Anders dan een bepaald aantal kilo af willen vallen of een bepaalde afstand of snelheid willen halen met hardlopen, zal ik de rest van m'n leven niet moeten roken. En het zal blijven trekken. Als ik nu zou horen dat ik nog maar een maand te leven heb of dat morgen de wereld vergaat, dan is het eerste wat ik doe sigaretten halen. En over twintig jaar zal dat best nog steeds zijn, dat zal voor veel oud-rokers gelden. Het is scherp blijven, aangezien je zo weer van voren af aan kunt beginnen als je een slippertje begaat. En die verleiding wordt steeds groter, aangezien het blijft trekken. Een sigaret roken kan opeens een beloning worden na een week/maand/jaar gestopt te zijn. Want dat ene sigaretje of trekje moet toch wel kunnen. Daar is het voor mij elke keer weer mee begonnen. Eigenlijk ben je dus nooit helemaal gestopt. Gelukkig houd ik dus van uitdagingen.

Begin er nooit mee.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-03-25 23:24
Subject: Een weekendje Stockholm.
Security: Public
Location:Udenhout
Music:Muse - Stockholm Syndrome
Tags:snut stockholm sweden zweden
Een weekendje Stockholm.
Uitgebreid verslag van een bliksembezoek

Ik ben van mezelf geen enorme reiziger. Ik hoef niet elke zomer per se weg en ik heb nooit plannen gehad om tijdens of na mijn studie in het buitenland te gaan zitten. Nu zeker niet, want dat zou wel een hele mooie boel worden. Het zijn over het algemeen studiereizen en vrienden in het buitenland die me nog ergens brengen. In de laatste categorie: Mirre studeert in Zweden. Dan zijn wij ook niet te beroerd om eens op bezoek te gaan. Zo zijn we ook naar Lieke in Leeds gegaan en niet naar Justin in Antwerpen. Dat is eigenlijk wel lullig. Maarja, Antwerpen.

We vliegen uiteraard met Ryanair, vanaf Eindhoven Airport. Het weer is lekker en de sfeer is goed. Er wordt gelachen. Op op enkele piepende metaaldetector en Liekes te zware koffer na bereiken we soepeltjes de gate. Naar Leeds was dat wat anders. Toen stond Joriks naam verkeerd op zijn boarding pass, waardoor hij moest lullen als een Duitse Brugman en uiteindelijk z'n Pathé Unlimited nodig had als alternatieve manier van identificatie. Elders op het vliegveld stond ik in een hokje met een beveiligingsbeambte die een buitengewone interesse in mijn baardtrimmer had. Er wordt verder gespeculeerd over wat ik nu weer vergeten ben, aangezien dat altijd wel het geval is. Ik ben deodorant vergeten en heb geen lenzenvloeistof bij. Dat laatste is bewust, dus het valt mee. Jorik en ik hebben onze dispuutsdas al om, de andere jongens hebben hem in ieder geval ingepakt.

Dat moet ik misschien even uitleggen. We hebben met ons vriendengroepje - we kennen elkaar al van het eerste studiejaar - een onofficieel dispuut opgericht. Dispuut Twee Vingers. Hoe je dat interpreteert moet je helemaal zelf weten. Nu heeft Justin ooit een rondreis door Azië gemaakt met zijn vriendin en daar voor iedereen een cadeautje gekocht. Voor de mannen was dat een stropdas en bijbehorende manchetknopen, van kwaliteitsmerken als Guxxi. Sindsdien dragen we die vaak als we iets met z'n allen doen. Niet zelden dragen we dan ook een pak. Dat is nu ook even het plan, aangezien Zweedse meisjes dat vast heel mooi vinden, maar we houden het uiteindelijk ingetogener en het blijft bij een colbertje. Ik beredeneer voor mezelf dat zoiets buiten te koud zal zijn en binnen te warm en ga voor het gilet, sinds mijn afdansen een kledingfavoriet van me. Naast mijn leren jas natuurlijk.

Volgens mij heb ik in 2001 nog eens vanaf Schiphol met KLM naar Barcelona gevlogen, maar voor de rest heb ik altijd met de benen in de nek met prijsvechters gevlogen. Ik kan me alleen niet herinneren dat ik het ooit zo slecht heb gehad als nu. Ik kan dus niet zeggen dat de twee uur vliegen voorbij zijn gevlogen. Jorik wil Harro en mij geen snoepjes geven voor het ploppen van onze oren, aangezien we ze de vorige keer al hadden opgegeten voordat we überhaupt in de lucht waren. Ik heb toch kauwgom. Ik ben gestopt met roken, dus ik heb altijd kauwgom bij me. Justin slaapt, want die heeft een korte nacht gehad. Ik had er donderdag zelf ook wel eentje minder kunnen drinken. Voor de rest heeft iedereen een tablet of wat te lezen voor zich. Zes van de zeven hebben het Boekenweekgeschenk, wat zondag gratis met de trein betekent. Het was mijn idee. Dat en het feit dat ik ook verantwoordelijk was voor de vlieg- en bustickets, het advies om niet op vliegvelden te pinnen en het beheer van de pot maakt dat ik mezelf tot financieel genie bombardeer. Er worden woordgrappen gemaakt. Cockholm, Fryanair, Brokholm, Cryanair. Toch wordt er gelachen.

Reizen met Ryanair is sowieso een ervaring. Het is alsof je in een sigarenzaak aan het vliegen bent, aangezien ze je constant dingen willen aansmeren. Tabak, eten en drinken, parfum, krasloten. Ik ga er bijna van denken dat - minstens - de tweede piloot tijdens de vlucht broodjes aan het smeren is en koffie zet. Bij het online inchecken loop ik alle gegevens drie keer na omdat ik weet dat ze bij een fout mij én m'n moeder financieel uitkleden. En Stockholm zal al niet goedkoop zijn.
Eigenlijk is zo'n vliegreis sowieso absurd als je er over nadenkt. Daar zit je dan, kilometers boven de grond in een soort aluminium sigaar met duizenden liters kerosine onder je kont. Ze kunnen het maken.

We landen op Stockholm-Skavsta Airport, zo'n typisch prijsvechtersvliegveldje ongeveer een uur rijden van Stockholm. Die reis leggen we per touringcar af. Ik ben degene die even geen buurman of -vrouw in de bus heeft, dus alle ruimte voor een Zweedse schone. Het wordt een kerel met een stinkende sporttas. Ik zit weer krap, maar het mag de pret niet drukken. Het Zweedse landschap is schitterend en het land lijkt uitgehouwen te zijn uit rotsen en bossen. Ik ben ook nog onder de indruk van het immense fabriekscomplex van Scania, wat we ook nog passeren. Ik heb sowieso altijd al wel een bepaalde fascinatie voor de Noordse landen gehad. Dat moet begonnen zijn toen ik fan werd van de Finse Formule 1-coureur Häkkinen. Sindsdien associeer ik deze landen met schone lucht, mooie natuur en ontspannen en gelukkige mensen.
In Zweden is het donker, en gezien de verstralers op sommige auto's - Volvo en Saab zijn uiteraard goed vertegenwoordigd - niet alleen vanavond. De Zweden lijken het donker te willen compenseren met een grote liefde voor neonverlichting en -reclame. Het straalt je werkelijk tegemoet. Ik heb Whatsapp nog aanstaan om met Mirre te contacten over onze aankomst. Ik besefte me laatst dat het veel goedkoper is om in het buitenland Whatsapp gewoon aan te laten staan in plaats van te sms'en. In Stockholm zet ik het wel uit, om batterij- maar vooral rusttechnische redenen.

Op het station staat Mirre op ons te wachten. Daar komen we immers voor. Het beeld van Zweden als sociale heilstaat vol mooie blonde mensen kan meteen de prullenbak in als ik de eerste bedelaar zie en lang niet iedereen er blond, laat staan mooi, is. Er zijn zelfs mensen met een Pakistaans uiterlijk Dat neem ik de Zweden verder niet kwalijk, dat is gewoon een rare stereotyperende kronkel in mijn hoofd. Net zoals ik in Italië ook heel even stond te kijken dat ze daar ook gewoon bouwvakkers hadden, en ze niet allemaal strak in pak boven een pan pasta staan te huilen of rijdend op een Vespa naar vrouwen roepen.
Naast Mirre komen we ook voor pittige worst. Er schijnen in Stockholm namelijk mysterieuze standjes te kunnen opduiken waar ze hele pittige worst verkopen. Ik geniet al bij het idee dat ik twee van die worsten tegelijk eet en van de burgemeester de sleutel van de stad krijg, tussen de rochelende overblijfselen van zij die het niet gered hebben. Maar dat komt nog wel, eerst eerst normaal eten en uitpakken. En een pilsje. Mirre heeft gelukkig al een tray ingeslagen.
Met de metro, de bus en wat voetenwerk komen we bij Mirres appartement. Zoals zo'n beetje alles daar, van kebabzaken tot Skoda-dealers, ziet het er strak uit. Het bevalt me wel. Ruimtelijk en wat minimalistisch, maar smaakvol. Ook Mirre zelf mag er wezen.

We gooien onze spullen neer en laten ons het eerste biertje goed smaken. De mannen en vrouwen slapen apart, wat voor iedereen het beste zal zijn. Ik deel een luchtbed met Harro. In Frankrijk waren we ook al bedpartners, dus we weten inmiddels wat we in die zin wel of niet aan elkaar hebben.
We eten wraps. Niet Zweeds, wel lekker. Die avond blijven we nog lekker thuis en spelen een paar spelletjes 30 Seconds. Ik vorm een team met Lieke, wat een aparte combinatie is als je ons weleens in discussies tegen elkaar tekeer hebt horen gaan. Maar we doen het goed, al is tegen de tandem Harro-Steven geen kruid gewassen. Er wordt gelachen en het is al snel een uur of drie in de nacht. Tijd om te slapen, want zaterdag moet het allemaal gaan gebeuren.

De wekker is strak gezet, maar zoals het altijd gaat op reizen en vakanties worden we daarvoor al wakker. Het valt op hoeveel van ons eigenlijk hun tablet hebben meegenomen. Cloë en ik zijn sowieso de enigen van het stel zonder tablet. Noem het ochtendritueel 2.0, en we vermaken ons prima met het kermis-soundboard op Harro's iPad. Er is WiFi, maar dat willen we niet gebruiken.
Er moeten nog boodschappen gedaan worden, eten en drinken. Ik ben uitverkozen om met Lieke en Mirre mee te gaan naar de supermarkt. Maar als er een tray pils en een zak aardappelen gesjouwd moet worden, dan zou ik mezelf daar ook voor uitkiezen. Noem mij een dommekracht met hersenen. Het geeft me meteen de mogelijkheid om foto's te maken, wat ik graag doe op zo'n trip. Zo blijf ik regelmatig ergens stilstaan, maak snel een of meerdere foto's en hol weer achter de rest aan. Het zal de rest van de dag een herkenbaar beeld blijven.

Na een Zweeds ontbijtje gaan we dan de stad in. Stockholm is niet veel groter dan Amsterdam, dus er moet in die uren wel wat gezien kunnen worden. Het is een mooie stad. Grote bezienswaardigheden á la Eiffeltoren of Big Ben zijn er niet, maar er staan genoeg mooie gebouwen, straten en pleinen, die er allemaal prima uitzien. Ik maak veel foto's, volgens het hierboven genoemde scenario.
Op een gegeven moment krijgen sommigen honger en gaan Harro, Jorik en ik naar McDonald's. Natuurlijk is daar behalve het ruimtelijke, wat minimalistische maar smaakvolle interieur weinig Zweeds aan, maar waarom ook niet. Tot onze verbazing en hilariteit staan er achter de toonbank alleen maar blonde meisjes. Jorik vergelijkt ze met Oompa Loompa's. Als je de Big Mac Index erop naslaat staat Zweden daarin trouwens in de top 3. Het is er allemaal net wat duurder. En dan is er nog geen pilsje besteld.

Na de hereniging met de rest duiken we wat meer het centrum en winkelgebied in. Hier en daar wordt er een winkeltje ingedoken, maar ik ga het hier speciaal over eentje hebben: Urban Outfitters. Een hipsterwinkel, anders kan ik het niet noemen. Niet dat de kleding nu zo verschrikkelijk lelijk is, maar het is de hele atmosfeer. De muziek, de mensen, het feit dat je er ook hippe zooi als opplaksnorren en directklaarcamera's kunt kopen. Net zoiets als zo'n platenzaak waar je ook je haar kunt laten knippen. Ik vind dat geforceerd hip doen, zoals hip doen dat eigenlijk altijd wel is. Zo sta ik, en een paar anderen die ook wat meer aan de boerenlullenkant van het mode-spectrum staan, vanaf de eerste verdieping naar beneden te kijken. Zij kijken soms naar boven. We sluiten een stilzwijgend pact. Jullie vinden mij een sukkel, ik jullie. Ik ben weer snel buiten.
Daar op een bankje zittend is het rustig kijken naar wat voor lui die Zweden nou eigenlijk zijn. De vrouwen zijn gewoon verzorgd, zoals je van vrouwen mag verwachten en je ook in Nederland ziet. Observatie: de mooiste vrouwen in Zweden zijn niet blond en Nederlandse vrouwen vind ik toch mooier. De mannen zijn eigenlijk het archetype Swedish design. Strak, geen plukje haar wat verkeerd valt (sowieso veel korte koppies) en geen baard of snor die niet perfect symmetrisch is. Ik vind het een beetje té.

Voordat we thuis gaan eten drinken we nog een biertje in een pub. Het is St. Patrick's Day, dus dat betekent groen pils. Voor de pilsdrinkers dan. Ik drink cider. Wel gewoon een pint, niet van dat mietenwerk als Jillz of Strongbow Gold. Voor lekker bier moet je sowieso niet naar een pub, vind ik. Guinness, Kilkenny, Murphy's, ik vind er allemaal weinig aan. Dat laat natuurlijk niet onverlet dat het erg gezellig is. Het gaat om de mensen.
Thuis eten we Zweedse gehaktballetjes. Veel gehaktballetjes, dus er kan stevig gestapt worden die avond. Als we voor 23.00 uur in de club, met de oer-Zweedse naam Marie Laveau, zijn besparen we onszelf zo'n 12 euro aan entree. De moeite waard. Bij binnenkomst hebben we niet het idee in een club beland te zijn. Er staan nog allemaal tafels en het is erg licht. Dat zal vast nog wel veranderen en we gaan het eerste rondje halen. Het is nogal een chique bedoening en er wordt volle bak cocktails besteld aan de bar, wat nogal vervelend is als je gewoon een biertje wilt en niet zo'n kermis in een glas. Ik vertel Justin hoe ik nog weleens achter iemand sta die vier tequila bestelt, en hoe chagrijnig ik daarvan wordt. Justin heeft eens achter iemand gestaan die acht mojito's wilde hebben. Baas boven baas. Een biertje kost zo'n 6 euro, maar dat is geen verrassing en we hebben genoeg SEKs - ja, dat is lachen - gepind.

Zo staan we daar een tijdje te drinken, praten, lachen en rond te kijken, maar er verandert verder niets. De mooiste vrouw van Zweden heeft rood haar, maar de tafels en het licht blijven. We hebben het wel een beetje gezien en gaan ergens anders heen. Als we onze jas al hebben gehaald valt Justin en mij op dat er bij de uitgang nog een trap naar beneden is. Daar vinden we wat we zochten. Duisternis, harde muziek en felle lampen. We blijven natuurlijk. De kerel bij de garderobe herinnert zich natuurlijk niet meer dat we nog geen drie minuten geleden nog onze jassen hebben opgehaald, dus dat is weer twintig kronen per jas.
Beneden is het warm en strompelen de eerste dronken figuren naar buiten. Wij beginnen pas. De pot wordt weer bijgevuld en een nieuw rondje gehaald. Het is er warm, erg warm. Dat gilet helpt nu niet echt. Maar als iedereen stinkt stinkt niemand, dus wat maakt het uit. We vermaken ons nog een paar uur uitstekend. Het tempo blijft onverminderd hoog en als er ergens een verhoging is klimmen we erop. Hebben die Zweden ook wat. Er waren ook Belgen. Meisjes. Mooi dat die mensen er ook eens uit kunnen. Ze hebben het niet makkelijk gehad zo lang zonder regering.

Er rijden nachtbussen en thuisgekomen drinken we voor het slapen gaan nog een klein pilsje, wat bijna niemand zich later nog wist te herinneren. 's Ochtends, na maar een paar uur slaap, wordt er opgeruimd, ontbeten, ingepakt en vertrokken naar het station, om de omgekeerde weg van de aankomst te nemen. Ik laat ons nog bijna de bus naar het vliegveld missen omdat ik zo nodig nog wat kronen kwijt moet zien te raken. Ik koop er een mooi boek voor, dat dan weer wel.
In het vliegtuig komen heeft nog wel wat voeten in de aarde. Net bij de trip naar Leeds trouwens, toen Harro met de grootste moeite zijn handbagage kon herindelen om aan de eisen te voldoen. Wij stonden al bij de gate te wachten en ik vond het toen nodig om een geïrriteerde Harro vast te willen leggen. Dit viel niet in goede aarde en Harro's woede jegens mij was voor het personeel bijna reden om hem aan de grond te houden. Jammer genoeg is de foto niet eens gemaakt.

Deze keer moet ik een paar keer door de metaaldetector en moet ik uiteindelijk gefouilleerd worden. Niks aan de hand verder en de man in kwestie bedankt me voor de medewerking. In een vlaag van verstandsverbijstering bedank ik hem ook. Maar hét moment was toch Justin zijn handbagage in zo'n metalen voorbeeldmandje moest doen om te kijken of het aan de eisen voldeed. Wat heeft die jongen staan wrikken om z'n tas uiteindelijk erin te te krijgen, en wat heb ik staan gillen van het lachen om dit schouwspel. De Ryanair-mevrouw die erbij stond kon haar gezicht ook maar moeilijk in de plooi houden. En toen moest z'n tas er ook weer uit, ook weer met vereende krachten waarbij we even bang zijn dat de hele stellage dan maar het vliegtuig in moet. En dan betaal je bij Ryanair natuurlijk sowieso extra. Onbetaalbaar.
In het vliegtuig heb ik nog mijn eigen momentje. Ik moet nodig naar de wc en uiteindelijk ga ik ook maar. Ik moet immers nodig, maar ik wil het ook gewoon ervaren. Bij terugkeer naar mijn stoel voel ik ook geen enkele schaamte en kijk ik misschien wel triomfantelijk. Er wordt gelachen. Misschien had ik dit stukje tekst achterwege kunnen laten, maar ik kan het ook niet helpen. Ik vind dat soort dingen (nog steeds) erg grappig. Noem mij een scatologisch genie, of een klein kind. Heerlijk. Sorry.

Zo komen we allemaal op onze eigen manier de terugreis door en landen we weer op Eindhoven Airport. Van daaruit laat de reis zich verder wel raden en moe maar gelukkig reizen we weer naar Utrecht. Thuis.

Er was overigens helemaal geen pittige worst in Stockholm. Maar ik voel me nauwelijks bekocht, laat staan misleid. Het was geweldig.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-03-11 04:08
Subject: Zaterdagmiddag.
Security: Public
Location:Udenhout
Music:Louis Davids - De voetbalmatch
Tags:voetbal fvk
Zaterdagmiddag.
Voetbalmiddag

Peter vraagt of hij met me mee mag rijden. Onderweg halen we Kees ook nog op. Het is toch allemaal Udenhout. Ruim op tijd komen we aan bij café 't Vaartje in Dongen. Er is nog tijd om wat te drinken te halen en dat is maar goed ook, want ik heb het koffiezetapparaat thuis kapot laten vallen en heb dringend cafeïne nodig. Ik bestel een Red Bull, die Kees aanbiedt om te betalen als compensatie voor het rijden. Dat is maar goed ook, want dat kost daar €3,70. Dat houd ik mooi in m'n zak. Een tankstation zou zich er voor schamen, maar café 't Vaartje in Dongen is zonder scrupules. We hebben het er die middag nog vaak genoeg over.
Dan komt iets na de afgesproken tijd de rest in colonne aanrijden. We zijn bijna compleet. Stijn is geblesseerd, Geert en Ilja hadden zich verkeken op werkzaamheden aan het spoor en konden het niet meer halen en Pascal, die de kleren bij zich heeft, was verkeerd gereden en laat nog even op zich wachten. Uiteindelijk verschijnt die ook en kunnen we de krappe kleedkamer binnen.

Ik voetbal in een vriendenelftal. VV FVK, wat staat voor Familie, Vrienden en Kennissen. Met Ilja, broer Jan en vader Jan is de Familie (Vorstenbosch) sowieso goed vertegenwoordigd. Kennissen zijn we minimaal van elkaar, soms ook vrienden.
Ik ben de keeper. Uiteraard ben ik de keeper. Om een idee te geven wat zo'n team inhoudt: denk aan All Stars. Een stel kerels komt op zaterdag bijeen, speelt een voetbalwedstrijd en ziet elkaar eigenlijk pas weer de volgende wedstrijd. Geen trainingen of andere verplichtingen. Niet dat er helemaal geen organisatie achter zit, want we hebben wel gewoon contributie, een sponsor, wasvrouw en een jaarlijkse vergadering voorgezeten door een bestuur. Ik ben de penningmeester. Uiteraard ben ik de penningmeester. De KNVB heeft nooit van ons gehoord en we huren velden bij een vereniging in Tilburg. Scheids- en grensrechters regelen we onderling.

Het heeft zeker iets. Ik zit er nu ook alweer zo'n 5-6 jaar bij. Het begon toen Ilja, wiens vader FVK in 1974 heeft opgericht, me vroeg om in te vallen aangezien de vaste keeper last van z'n rug heeft. Dat krijgen ze allemaal, dus als je mij ooit nog in een rolstoel tegenkomt, dan weet je hoe het waarschijnlijk komt. Enfin, aangezien ik - altijd keeper geweest - mensen graag uit de brand help en bovendien op zoek was naar een nieuwe sportieve uitdaging, stemde ik in. Ik speelde vaker een wedstrijdje mee, tot ieders tevredenheid, en zo werd ik op een gegeven moment op de ledenvergadering aangenomen als vaste keeper. Het zette een streep door mijn plannen om in de weekenden vooral in Utrecht te zijn, maar dat vind ik achteraf helemaal niet erg. Voor mijn familie is het ook wel leuk, aangezien ik er nu nog steeds regelmatig ben in het weekend. Ik geloof tenminste dat ze het wel leuk vinden om mij te zien.

Het leuke van zo'n elftal is de diversiteit. We hebben in de gelederen onder meer ondernemers, een filosoof (niet ik), vrachtwagenchauffeur, (oud-)politicus, onderwijzer en een paar studenten. Dat zijn Geert, Ilja en Ik. De drie-eenheid, nu ook op het veld. En binnenkort weer in een café bij jou in de buurt. Het vormt allemaal een coherent voetbalgeheel, elk met z'n eigen sterktes en zwaktes, en het vloekt en tiert even hard. Zo zijn ook onze tegenstanders. Je komt ook af en toe een keeper van in de zestig tegen, alsmede een spits van 120 kilo. Net als vroeger, toen ik nog bij SVSSS in Udenhout speelde, is het oppassen als de tegenstander iemand uit een van de hogere jeugdelftallen ergens heeft weten te ronselen.
Het ritueel is altijd hetzelfde. Omkleden, naar het veld lopen (dit keer een kilometer naar een veldje tussen de weilanden, want ook wel wat heeft), warmlopen, Kees schiet me in met wat makkelijke balletjes, en dan mag de rest op doel afwerken - ze hebben soms nog moeite om dat met één tegelijk te doen. Dan roept aanvoerder Gon iedereen bij elkaar voor de laatste aanwijzingen en motivatie en kan er afgetrapt worden.

Ik denk dat ik ook niets anders had kunnen zijn dan keeper. Keepers zijn aparte figuren en ik ben dat ook. De rest holt in het geel over het veld, ik houd in het zwart de wacht. Volledig zwart, inclusief zwarte schoenen en handschoenen en als het moet een zwart petje. Ik vind dat mooi, estheet als ik ben. Het is soms een eenzaam bestaan. Koud ook, want over het algemeen heb ik weinig beweging en van aanwijzingen schreeuwen - "zakken!", "in de rug!", "ruimte op links!", "zet ze klem!" - en af en toe een terugspeelballetje word je ook niet warm in de winter. Als de zon eens doorkomt zoek ik een plekje uit de schaduw. Maar het is mijn bestaan. In mijn zestienmetergebied, daar waar ik mijn handen mag gebruiken. Mijn Rotterdams carnaval.
Een beetje de anti-held ben je als keeper wel, maar het kan ook anders zijn. Je kunt punten pakken. Ik heb schitterende reddingen verricht op belangrijke momenten, wat moet voelen als een doelpunt maken of een mooie pass geven. Ik heb natuurlijk ook fouten gemaakt, die staan me ook nog goed bij. Dat rustige balletje dat je achter wilt laten laten rollen, maar vervolgens tot je afgrijzen in het doel rolt. Die keer dat ik na de rust m'n handschoenen nog niet aan had en een bal liet glippen. De onvermijdelijke momenten dat een bal door je benen of handen door schiet. Of die dikke spits die het moment van z'n leven heeft en de bal vol in de kruising schiet. Net bij mij, in mijn kruising. Maar over het algemeen ben ik een betrouwbare sluitpost, met al mijn goede en slechte punten. Lengte en prima reflexen, soms wat onzeker bij diepe en hoge ballen en mijn trap kan beter.

Zo ben je dan twee maal 35 minuten bezig. Na de wedstrijd eerst een sigaret - Theo Jansen doet het ook, dan douchen en naar de kantine voor de derde helft. Daar wordt dan nagepraat over de wedstrijd - we hebben redelijk onterecht met 2-1 verloren en dit kalenderjaar ook alleen maar verloren - en geluld in het algemeen. Ik regel ondertussen de toto en in af en toe wat contributie. Er wordt een pot gemaakt om wat te kunnen drinken. Ik moet rijden, dus ik houd het zelf bij koffie en Spa rood. Soms sportdrank, maar ik wil weer wat op de lijn gaan letten en bespaar me die calorieën. Het koekje bij de koffie eet ik wel op, want honger krijg je er wel van. Op een gegeven moment is het tijd om te vertrekken, want moeder wacht met het eten. Tot de volgende wedstrijd.

Thuisgekomen gooi ik m'n spullen in de was, poets ik m'n schoenen, maak ik m'n handschoenen schoon en werk ik de boekhouding bij. Daarna verdwijnt de sporttas weer voor een week in de kelder.

Volgende week tegen Van Empel ben ik er trouwens niet bij, want dan zit ik in Stockholm.
Post A Comment | Share | Link



Martijn Piggen
Date: 2012-03-05 22:06
Subject: Vakantiehuis met zwembad.
Security: Public
Location:Utrecht
Music:Bryan Adams - Summer of '69
Tags:vakantie frankrijk snut
Vakantiehuis met zwembad.
Een winterverhaal over een zomervakantie met vrienden

We gingen naar Frankrijk op vakantie. Weer, want vorig jaar waren we er ook al. Voor mij was het alweer de derde zomervakantie op rij dat ik naar Frankrijk ging, maar je moet wat. De Duitsers hebben ooit nog vier jaar lang in noord-Frankrijk gezeten, dus dan valt het allemaal nog wel mee. Ik vond eigenlijk dat ik die vakantie niet verdiend had, maar als je voor weinig geld het vakantiehuisje van de ouders van Steven kunt huren, dan laat je dat ook niet lopen. Een vakantiehuisje in Frankrijk, het is me nogal wat. Ik ben zelf allang blij als ik later met een vouwwagen op een camping in Goes kan staan.

Nadat we (Harro, Jorik en ik. Steven was al in Frankrijk) ons van Marjolein hadden ontdaan, kon de reis aanvangen. Harro zou de komende dagen wel wat tekortkomen, dus misschien zouden wij zo nu en dan een handje moeten helpen. Zo doopten we onze trip om tot een skivakantie. Lachen.
Harro had de auto van zijn zus mee. Het was een Alfa Romeo Giulietta, en dat is prettig sturen. Dat vind ik ook belangrijk, want als iets niet lekker rijdt word ik kribbig. Het is wel een Italiaan, maar mijn angst om elke twintig kilometer met een lekkende koppakking en vier lekke banden langs de kant te staan bleek ongegrond. Alleen de ruimte achterin kan beter, evenals de afwerking rond de middenconsole. Zo reden we soepeltjes naar Frankrijk. Harro en ik wisselden elkaar om de zoveel tijd en Jorik, die voor de vierde zomer achtereen niet zijn rijbewijs had gehaald, zat achterin een beetje te lezen en Jorik te zijn.

Vorig jaar was dat iets anders. Toen reed ik in de auto van mijn moeder, een van de twee auto's toen. Ik had een mooie route door de Ardennen uitgestippeld, waarbij ik om fiscale redenen ook een stukje Luxemburg deed. Mooi en voordelig allemaal, maar niet snel. Dat is al vertraging. Vervolgens zitten we dan op de Autoroute du soleil en maken we goed tempo, maar vind ik het saai worden en laat ik de navigatie een route bepalen door allerlei geinige dorpjes. Ik bedoel, als ik wil betalen om me te vervelen ga ik wel naar een show van Freek de Jonge. Enfin, hartstikke mooi allemaal, met veel bochten, maar niet snel. De mevrouw in mijn telefoon maakt overuren om mij erop te wijzen dat ik harder rijd dan de meestal toegestane 30 of 50 km/h. Ik ben nog steeds bang dat de Franse staat mij met terugwerkende kracht failliet gaat krijgen. Uiteindelijk verdwalen we nog ergens en komen 's avonds laat en uren later dan gepland - via een fantastische bergweggetje waar ik nog veel plezier aan zou beleven - aan in het idyllische, maar nietige Charmène. De rest, die er al een paar dagen was, wacht ons wat raar kijkend op, maar ik heb me prima vermaakt. Een klopje op het dak van de trouwe 316i en aan het bier.

Want daar komt zo'n vakantie toch veelal op neer. De dagelijkse routine bestaat uit een ritje naar de Intermarché in de buurt voor eten en drinken, terwijl we onderweg de resten van de dag ervoor in de glasbak gooien. Er waren soms wat leuke discussies in de supermarkt. Eigenlijk was ik er altijd wel bij betrokken, aangezien het dan om de prijzen gaat en ik het niet kan laten om toch wat kostenbewust te blijven. Ik hoef ook nooit gekke dingen op vakantie. Moet je net iemand als Jorik mee hebben. Dat leeft het hele jaar op Euroshopper, maar in de vakantie moet er opeens zoiets als Desperados gekocht worden. Helaas vond de rest dat ook, dus het enige wat ik kon doen was mijn deel van het sixpack maar nemen. Mietenbier. Qua eten, zijnde met alleen mannen, maken we het onszelf vooral niet te moeilijk. De eerste dagen sowieso niet, want dan zijn de ouders en een oom en tante van Steven er nog. Daar maken we goed gebruik van. Een lekker wijntje op z'n tijd blijkt ook erg lekker. Daarbij stoppen we onszelf ook aardig vol met kaas.

Natuurlijk hangen we overdag vooral in en rond het zwembad. Een beetje dobberen, lezen, slechte grappen maken en af en toe wat te eten en drinken halen. Ik puzzel ook nog veel. De sfeer is overwegend ontspannen, maar het blijft oppassen. Voor wespen (specifieker: Frelons), rondvliegende slippers en het gevaar om van je luchtbed gegooid te worden. En natuurlijk de zon, voor mij vooral. Ik krijg het voor elkaar om binnen twee dagen mijn voeten verschrikkelijk te verbranden. Zo erg dat men zegt dat ik toch maar even naar de apotheek in het dorp moet gaan. Daar heeft de dienstdoende apotheker maar een korte blik op mijn paarse poten en wat Franse woordjes van mij ter uitleg nodig om terug te komen met een mooie tube Biafine. Daar mag ik m'n voeten dan meermaals per dag mee insmeren en ze vooral niet aan de zon blootstellen. Dus ik draag sokken. Het kan ermee door.

Ik houd ook eigenlijk niet zo van dat nietsdoen. Ik kan natuurlijk erg lui zijn, maar om alleen maar in de zon te gaan lopen liggen, daar word ik juist onrustig van. Niet alleen omdat ik dan heel m'n lijf en leden verbrand, maar omdat ik gewoon niet stil kan blijven zitten. Neem me vooral niet mee naar het strand, want ik wil constant zwemmen en voetballen. Van bruin worden hoef ik sowieso niet zo veel te hebben. Dat vind ik zo'n soort verwrongen welvaartssymbool, en als je pech hebt krijg je er huidkanker van. Maar aangezien je er toch niet aan ontkomt, ga ik op een gegeven moment maar mijn zwemslip dragen. Dan doen we het goed ook. De afkeurende reacties zijn mooi meegenomen.
Doet me, tussendoor, trouwens denken aan een college waar ik - dronken en verliefd, dus op m'n best - mezelf verschrikkelijk in heb moeten houden om niet in brullen uit te barsten om een meisje dat echt te vaak onder de zonnebank had gelegen. Nooit zo'n leuk college gehad.

Niet dat er zo veel in de buurt te doen is. Een wijnchateau bezoeken lijkt me leuk, maar dat is niet in de buurt. Mijn vader vertelde me over het plaatsje Oradour-sur-Glane, waar de SS in 1944 642 dorpsbewoners vermoordden. Dat lijkt me fascinerend om te bezoeken, alleen is het 270km verderop. Af en toe gaan we dan naar het nabijgelegen dorp, het ingeslapen Courpière (ik bedoel, kijk dit nou), om te lunchen en even rond te lopen. De serveerster bij de pizzeria moet de enige mooie vrouw in de omgeving zijn. We rijden ook nog een keer naar een schijnbaar leuk café in de buurt, Café Des Artes. Dat klinkt chique, maar is gewoon van een Nederlander die Henk Arts heet. Het is alleen dicht, dus wat WiFi het enige wat we eraan hebben. Heerlijk rustig dat we thuis geen internet hebben. We hebben niet eens eens televisie-aansluiting.
We gaan op het einde van de vakantie nog wel een dagje naar Clermont-Ferrand, de dichtstbijzijnde grote stad. Als je de hele tijd in zo'n huisje hebt gezeten is dat dan wel wat. Met een McDonald's en mooie meisjes. Er zit een winkel van Michelin, wat daar vandaan komt, waar ik een t-shirt koop. En voor de kick een pakje Gitanes, wat de overtreffende trap van mij toch al vrij zware Gauloises is. Alsof je een sigaar rookt.

Ik heb dan nog de mountainbike als uitlaatklep. Het jaar ervoor heb ik een mooie tijd neergezet van Thiers naar het huisje, een tijd die nog steeds in de keuken hangt. Dit jaar wil ik meer. Steven vertelde me vorig al over een beklimming die in de eerste versnelling al een hele opgave was. Hij zei er niet bij dat dat met de auto was, dus toen ik het ging proberen ging ik stevig kapot. Dit jaar kom ik er overheen, met zeer veel pijn en moeite. Maar dan doet ergens het schakelmechanisme niet wat ik wil, val ik alsnog stil en kan ik alsnog met trillende benen naast m'n fiets gaan lopen en uiteindelijk zachtjes fietsend terug naar huis. Toch tevreden.  

's Avonds na het eten mogen we dan graag weer een biertje drinken. Soms bij een spelletje, waarbij ik me nog goed dat spelletje Trivial kan herinneren waarbij Harro al snel klaar was en de rest nog twee uur aan het aanklooien was voor de tweede plaats. In een jeugdige bui doen we nog een rondje Kingzen, wat toch altijd dolle pret blijft. Anders kijken we een DVD'je. We kijken zelfs Schindler's List, wat ik er leuk vind. Als je me stil wilt krijgen moet je Schindler's List aanzetten, of me een puzzel of potje Wordfeud geven. Aan de andere kant van het cinematografische spectrum zit dan iets als Paycheck. Ik wil daar niet meer over praten.  
Maar als het weer het toestaat, wat vreemd genoeg soms niet het geval is, zitten we meestal tot laat lekker buiten bij de vuurkorf, een beetje over de zaken des levens praten met een biertje erbij. Er wordt daarbij ook gelachen. Sowieso is het buiten erg mooi. Ik ben daar 's avonds sowieso nog weleens te vinden om een sigaret te roken, ondertussen een beetje naar de omgeving en de sterren turend. Als ik mezelf dan vergelijk met het jaar daarvoor sta ik er een stuk beter bij. De sterren staan hetzelfde, maar gunstiger. Laat ik het zo zeggen.
Bij het slapen is het vrij rustig. Niet zoals vorig jaar, toen we bij een slapende Jorik tandpasta op z'n gezicht smeerden en hij daarna in een vlaag van razernij alles en iedereen met scheerschuim te lijf ging. Wat nu vooral te horen is zijn Stevens gesnurk en zo nu en dan een scheet. We zijn maar met z'n vieren, dus niemand hoeft te schreeuwen.

Zo komen we onze tijd wel door. Het is zo'n vakantie waarin je lekker veel naar Summer of '69 wilt luisteren, want we hebben het goed. Op de laatste dag gooien we de laatste lege flesjes in de glasbak en zetten weer koers naar Nederland, weer probleemloos. Daar eten we bij mijn moeder friet en shoarma en zwaai ik de jongens nog even uit. Als de Giulietta uit het zicht is verdwenen loop ik naar binnen en pak de AutoWeek. 

   
Post A Comment | Share | Link






browse
my journal
links
July 2012